• Yu Zhe

Nederlands - tickets


How to buy a ticket in Dutch?

Wanneer vertrekt … naar Amsterdam?

When’s … to Amsterdam?

de (eerste) bus the (first) bus

de (volgende) vlucht the (next) flight

de (laatste) trein the (last) train

Waar kan ik een kaartje kopen?

Where you I buy a ticket?

Eén kaartje/Twee kaartjes, alstublieft.

One ticket/Two tickets, please.

Voor vandaag/morgen. For today/tomorrow

Enkeltje/Retourtje.

A one-way/round trip

Kaartje eerste klas/tweede klas.

a first-class/economy class ticket.

Hoeveel kost het?

How much

Is er korting voor …?

Is there a discount for …?

Kinderen/studenten/ouderen/toeristen

children/students/senior citizens/tourists

De snelbus/sneltrein, alstublieft.

The express bus/express train, please.

De locale bus/trein, alstublieft.

The local bus/train, please.

Ik heb een e-ticket.

I have an e-ticket.

Kan ik in de bus/trein een kaartje kopen?

Can I buy a ticket on the bus/train?

Ik wil graag mijn reservering

I’d like to … my reservation.

annuleren/wijzigen/bevestigen

cancel/change/confirm